ePrivacy and GPDR Cookie Consent by Cookie Consent Klok vannacht een uur terug: waarom de wintertijd eigenlijk de 'echte' tijd is | NH Gooi

Klok vannacht een uur terug: waarom de wintertijd eigenlijk de 'echte' tijd is

  • Vandaag om 21:03
  • Kolijn van Beurden (NH Gooi)
De wintertijd gaat in: klok vanacht een uur terug
De wintertijd gaat in: klok vanacht een uur terug NH Gooi ai-gegenereerd
GOOI- EN VECHTSTREEK - In de nacht van zaterdag op zondag gaat de klok om 03.00 uur een uur terug naar 02.00 uur. De wintertijd gaat in. En dat betekent voor de meeste mensen een uurtje extra slaap. Volgens slaapwetenschappers is dat niet alleen prettig: de wintertijd past ook veel beter bij onze biologische klok dan de zomertijd. Maar waarom verzetten we de klok eigenlijk nog en hoe kom je zo snel mogelijk in het nieuwe ritme?
Het verzetten van de klok is een erfenis van de oorlog. Het Duitse Keizerrijk voerde op 30 april 1916 als eerste de zomertijd in om kolen te besparen voor de oorlogsindustrie. Nederland was neutraal, maar volgde een dag later. Engeland deed het pas drie weken later.
Tussen de wereldoorlogen bleef Nederland de klok verzetten. Tijdens de Duitse bezetting moest Nederland overgaan op de Duitse tijd en gold van 1940 tot en met 1942 zelfs het hele jaar door zomertijd. Na de bevrijding was het voorbij: van 1946 tot en met 1976 werd de klok in Nederland helemaal niet verzet.
De oliecrisis van 1973 bracht de zomertijd met een jaar terug. Energie besparen werd ineens belangrijk, en wie 's avonds langer licht heeft, kan de lampen later aandoen. In 1977 ging Nederland samen met België en Luxemburg weer over op zomertijd. Vanaf 1996 is de tijd in heel de EU gelijk en gaat de klok op de laatste zondag van oktober weer een uur terug.

Discussie in Brussel 

Het argument voor energiebesparing stelt inmiddels weinig meer voor. Met zuinige ledlampen maakt het voor het stroomverbruik nauwelijks nog uit of het licht een uur eerder of later aangaat.
De zomertijd dan maar afschaffen? Daar discussieert men al jaren over. In 2018 deed de Europese Commissie een onderzoek waarop 4,6 miljoen mensen reageerden; 84 procent wilde af van het halfjaarlijkse klokverzetten. Een jaar later stemde het Europees Parlement voor afschaffing vanaf 2021.

Draaien aan de wijzers

Toch draaien we nog steeds aan de wijzers. De Europese lidstaten zijn het onderling nooit eens geworden over de vraag welke tijd ze permanent moet aanhouden: altijd zomertijd of altijd wintertijd. Zuid-Europese landen willen iets anders dan Noord-Europese landen. Daarna verdrongen corona, de oorlog in Oekraïne en de energiecrisis het onderwerp van de agenda. Vorig jaar bracht de Spaanse premier Pedro Sánchez het opnieuw op tafel, maar er is nog altijd geen besluit. Voorlopig blijft alles bij het oude: op 28 maart 2027 gaat de klok weer een uur vooruit.
Klok gaat één uur terug
Klok gaat één uur terug|NH Gooi ai-gegenereerd

Wintertijd

De wintertijd is eigenlijk geen 'wintertijd', maar de standaardtijd. Die naam bestaat pas sinds de zomertijd is ingevoerd. En die standaardtijd sluit veel beter aan bij de stand van de zon boven Nederland dan de zomertijd.
Dat is belangrijk, want onze biologische klok wordt vooral bepaald door licht en dan vooral door ochtendlicht. Licht in de ochtend remt de aanmaak van het slaaphormoon melatonine en zet het lichaam in de 'dagstand'. Met de wintertijd wordt het 's ochtends weer eerder licht, zodat meer mensen op weg naar school of werk meer daglicht meekrijgen.

Biologische tijd

In de zomertijd loopt onze sociale tijd juist een uur voor op de interne klok. Volgens chronobioloog Roelof Hut van de Rijksuniversiteit Groningen ontstaat daardoor een conflict tussen sociale en biologische tijd: we gaan later slapen, maar de wekker gaat even vroeg. Veel slaapwetenschappers en de Hersenstichting pleiten daarom voor een permanente wintertijd.
Er is ook een keerzijde. Het wordt 's avonds een uur eerder donker, en rond de kortste dag gaat de zon al rond half vijf onder. Wie na het werk nog wil sporten of wandelen, doet dat de komende maanden in het donker.

Snel in het nieuwe ritme

Meestal is het lichaam binnen een paar dagen gewend. Wie het sneller wil, kan een paar dingen doen:
- Zoek ochtendlicht op. Ga binnen een uur na het opstaan minstens 10 tot 20 minuten naar buiten. Een ochtendwandeling of een kop koffie bij het raam helpt de biologische klok het snelst bij te stellen.
- Houd je vaste tijden aan. Sta zondag en maandag op je gewone tijd op en ga op je gewone tijd naar bed, ook als je nog niet moe bent. Uren uitslapen in het weekend maakt het juist moeilijker.
- Ochtendmensen: rek de avond een beetje op. Blijf een kwartier tot een half uur later op en zoek 's avonds juist wat licht op. Zo schuift je klok mee.
- Kinderen in kleine stapjes. Jonge kinderen worden vaak een uur te vroeg wakker. Schuif bedtijd, eten en opstaan in een paar dagen met een kwartier per keer op, in plaats van in één keer met een heel uur.
- Let op cafeïne. Koffie werkt langer door dan veel mensen denken. Drink liever geen koffie of cola meer in de zes uur voor bedtijd.
Verzet alle klokken. Controleer zondag de wekker, de oven, de magnetron en de auto, zodat je maandag niet voor verrassingen staat.
De meeste telefoons, computers en andere apparaten met internet springen vanzelf naar de nieuwe tijd. De klok in de auto, de oven of de magnetron en de analoge wekker op het nachtkastje moet je meestal zelf zondag controleren. Wie dat vergeet, staat maandagochtend een uur te vroeg bij de bushalte of is een uur te vroeg op het werk.