Eigenaar Martin (midden) en stamgast Frank (rechts) proosten op het jubileum.
NH Gooi
BUSSUM - De tafels staan op dezelfde plek, de bar is nog altijd laag en donker van kleur en aan het plafond hangt geschiedenis. In café De Peuk, pal naast station Naarden-Bussum, lijkt de tijd al vijftig jaar stil te staan. En als het aan eigenaar Martin de Vries ligt, blijft dat ook zo. "We hebben het niet gekocht om er iets nieuws van te maken, maar om te zorgen dat De Peuk ook De Peuk blijft."
Dat is een opvallend statement in een tijd waarin bruine cafés vaak genoeg worden verbouwd tot hippe horecazaken. De Peuk viert deze maand zijn vijftigjarig bestaan en is volgens De Vries nog altijd vooral een plek waar mensen na hun werk aanschuiven, waar iedereen elkaar aanspreekt en waar generaties stamgasten elkaar afwisselen.
Zelf hoort De Vries al meer dan veertig jaar bij die vaste gezichten. Op zijn zestiende stapte hij als scholier van het Willem de Zwijger College voor het eerst binnen. "Toen stroomde je eigenlijk automatisch naar twee cafés: De Koperen Kraan of De Peuk. Ik ben hier binnengekomen en eigenlijk nooit meer weggegaan."
Aan de pui van het café hangen de oude tabakplaten nog.|NH Gooi
Van stamgast naar eigenaar
Achttien jaar geleden veranderde hij van stamgast in mede-eigenaar. Niet uit ondernemersdrift, maar uit behoudzucht. Toen de toenmalige eigenaar wilde stoppen, sloeg De Vries met twee vrienden toe. "Ik dacht: het kan eigenlijk niet gebeuren dat mijn huiskamer verdwijnt. Als iemand anders het koopt, weet je niet wat het wordt."
Dat behoud zie je terug. Het interieur veranderde nauwelijks en ook de sfeer moest hetzelfde blijven. De Peuk zit bovendien nog altijd in het pand waar vroeger een tabakswinkel zat. Daaraan dankt het café zijn naam. De houten sigarenkasten zijn verdwenen, maar aan de gevel herinneren oude tabaksreclames nog aan die geschiedenis.
Alles staat nog op z'n plek, al vijftig jaar lang.|NH Gooi
Roken
Toch veranderde de wereld om het café heen wel degelijk. Het rookverbod bijvoorbeeld. De Vries is zelf niet-roker en begrijpt de gedachte achter de maatregel. "Werknemers hebben recht op een rookvrije werkplek." Leuk voor de horeca vond hij het niet. Een tijdlang bouwde De Peuk zelfs een aparte rookruimte, later verhuisden rokers definitief naar buiten. "Maar het is wat het is. Je past je aan."
Grotere zorgen maakt hij zich over de veranderde uitgaanscultuur. Volgens hem missen bruine cafés een hele generatie sinds de minimumleeftijd voor alcohol van zestien naar achttien jaar ging. Juist in die jaren ontstond vroeger vaak een stamkroeg. Nu vertrekken veel jongeren direct naar hun studentenstad of kiezen ze voor feestcafés en nachtclubs.
Dinsdagmiddag om vier uur is het aan de bar al aardig vol.|NH Gooi
Stamkroeg
"Dat venster waarin je je stamkroeg vindt, is veel kleiner geworden," zegt ook stamgast Frank Ravesloot (69), die al vijftig jaar over de vloer komt - sinds het allereerste uur dus. "Vroeger kwam je als scholier al binnen. Nu zijn veel jongeren al weg voordat ze hier überhaupt een biertje mogen drinken."
Toch lukt het De Peuk om relevant te blijven. Dat gebeurt niet met grote verbouwingen of hippe concepten, maar juist met tradities. Op Koningsdag staat het café in het teken van Spoorpop, meerdere keren per jaar wordt tussen de bar en de tap een klein podium uitgeklapt voor lokale bands en rond kerst zingen bezoekers gezamenlijk tijdens het open podium.
De Vries glimlacht als hij vertelt hoe hij dan vanaf de kleine balustrade uitkijkt over een afgeladen café. "Dan zie je jong en oud door elkaar staan, iedereen zingt mee en de hele tent zit vol. Dan denk ik wel: ja, dit is gaaf."
Martins uitzicht vanaf de balustrade.|NH Gooi
Bestaansrecht
Misschien is dat ook precies waarom De Peuk nog bestaat. Niet omdat alles hetzelfde bleef, maar omdat de mensen bleven terugkomen. Sommigen al tientallen jaren. Aan de bar zit dinsdagmiddag schoonzoon Frank (De Vries: "Ook al een Frank"), die hier ooit als bedrijfsleider werkte. Hij ontmoette er zijn vrouw. Hun zoontje Flip is volgens opa Martin een echte "Peuk-baby". Hij is bovendien lang niet de enige.
"Er zijn hier zeker vijf tot tien stellen die elkaar in De Peuk hebben leren kennen," vertelt De Vries. "En al hun kinderen komen als baby al mee naar het café. We hopen natuurlijk dat ze hier later zelf aan de bar staan." Een nieuwe generatie stamgasten: dat droombeeld geeft hoop.
'Oude maten, ordinaire tent'
Ook stamgast Ravesloot ziet in dat samenzijn de kracht van de zaak. "Je komt hier je oude maten weer tegen. Dat is eigenlijk nooit veranderd." Hij hoeft niet lang na te denken over wat er zou moeten gebeuren voordat hij wegblijft. "Als het een ordinaire tent wordt. Dan hoeft het voor mij niet meer."
Voor De Vries is dat precies de reden waarom hij ooit instapte. Winst maken was nooit het hoofddoel; het café moest blijven bestaan. Hij heeft naast De Peuk gewoon een vaste baan en ook zijn mede-eigenaren zijn niet afhankelijk van de omzet. "Als we quitte draaien en iedereen heeft een leuke avond gehad, is het ook goed."
Over vijftig jaar ziet hij het liefst precies hetzelfde tafereel. Dezelfde bar. Dezelfde sfeer. Misschien andere gezichten, maar wel mensen die elkaar nog steeds spontaan aanspreken. "Ik hoop dat ik hier als tachtigjarige nog binnenloop en denk: dit is mijn huiskamer."